Tranen bij het woord ‘jas’

Sinds eind 2019 organiseren Welkom in Utrecht en WelnU elke vrijdagochtend het moedertaalcafé. Vrouwen uit onder meer het azc kunnen terecht om hier hun Nederlandse taal te verbeteren. En ze kunnen hun kleine kinderen gewoon meenemen, want een vrijwilligster van Welkom in Utrecht, vroeger in Iran werkend als kinderleidster, heeft binnen de kortste tijd een connectie met alle kinderen die binnen komen met hun moeders. De moeders kunnen zo in alle rust met een vrijwilligster van WelnU aan de slag. Niet alleen erg leerzaam, maar ook gezellig.

Aan verschillende tafels op de gezellige zolder zitten vrouwen van alle leeftijden en nationaliteiten samen gebogen over Nederlands boeken. Voor de in Nederland geboren Shantie en Afghaanse Deewa is het inmiddels vaste prik geworden. Samen kijken ze met een kopje thee in de hand naar een moeilijke grammaticale vraag. De twee vrouwen hebben elkaar gevonden. Niet alleen door de docent-leerling constructie die voor beiden goed werkt maar ook door hun gedeelde werkinteresse: Shantie werkt als verloskundige en Deewa wil graag als verpleegster aan de slag in Nederland. Grammatica wordt er dus wel besproken, maar vaak drijft het gesprek ook af naar onderwerpen die iets meer studiegerelateerd zijn. Vragen als ‘Maar wat is dan een goede plek voor verpleegkunde?’ of ‘Wat is de aanmeldingsdeadline, weet jij dat?’ klinken dan door de zolder. Een mooie samenloop van omstandigheden.

Aan een tafel verderop geeft vrijwilligster Juul les aan de Eritrese Roza. Roza komt al een aantal weken en is bezig met het zichzelf eigen maken van het Nederlandse alfabet. Dat is echter moeilijk. Aan motivatie geen gebrek, maar doordat Roza ook haar eigen taal niet kan lezen en schrijven is het concept taal iets nieuws voor haar. Juul werkt voornamelijk met losse letterstempels waarmee zij en Roza samen woorden stempelen om zo het alfabet iets minder abstract te maken. Vandaag is er een doorbraak. Tot nu toe heeft Juul altijd de letters op de goede volgorde neer moeten leggen, maar wanneer ze vandaag ‘jas’ zegt tegen Roza en vragend gebaart naar de gehusselde letters klikt er opeens iets bij Roza. Uit zichzelf pakt ze de goede letters, legt ze in de goede volgorde en wijst vervolgens op haar eigen jas die achter haar hangt terwijl ze ‘jas’ zegt. Juul krijgt tranen in haar ogen. Hoe een vrouw zo haar best kan doen om Nederlands te leren, zich niet laat tegenhouden en vol goede moed elke week weer aanwezig is om vandaag dan eindelijk het woord ‘jas’ te begrijpen doet haar veel.

Tekst: Sofie Croonenberg