“De eerste Utrechter die ik kende, was van Welkom in Utrecht”

Bijna twee jaar geleden kreeg Ghedam Girmay Beyene (27) in het azc een flyer van Welkom in Utrecht in zijn handen gedrukt. Nu deelt hij die flyers zelf uit, als vrijwilliger.

Ghedam krabbelt iets op een servetje. “Kijk. Er zijn meerdere generaties Eritreeërs in Nederland. Er zijn mensen die in de jaren tachtig naar Nederland zijn gekomen, mensen die in 2000 zijn gekomen en mensen die later, in 2014 zijn gekomen.” Hij heeft een paar cirkels getekend, daartussen staan lijnen. “Die nieuwe generatie zou niet dezelfde route hoeven af te leggen als de oude generatie. We kunnen van elkaar leren, dat is ons idee.”

De Eritrese Ghedam organiseert sinds kort samen met Welkom in Utrecht activiteiten voor andere Eritreeërs. Maar dat is niet het enige wat hem bezig houdt. Op maandag gaat hij naar een cursus van de gemeente in zijn woonplaats Driebergen, op dinsdag heeft hij college bij de School voor Humanistiek en voetbal, waarna hij naar taalcafé De Voorkamer gaat, op donderdag staat hij met Welkom in Utrecht te flyeren en op vrijdag heeft hij weer college. Druk, geeft hij toe. Maar: “In het weekend ga ik lekker chillen,” zegt hij met grijns.

Connecties
Het contact met Welkom in Utrecht begon bij een flyer. In maart 2017 verhuisde Ghedam van een azc in Budel, Noord-Brabant, naar het tijdelijke Utrechtse azc Einsteindreef. “De eerste Utrechter die ik kende was Frank, van Welkom in Utrecht. Welkom in Utrecht stond elke week bij het stempelen, om informatie te geven over activiteiten. Als je in het azc woont, moet je eens per week een stempel halen, zodat het COA weet dat je er nog bent.”

“Ik wist nog niks van Welkom in Utrecht, maar Frank zei: kom gewoon naar de activiteiten. Ik heb er veel van geprofiteerd. Vooral van het taalcafé. En de activiteiten. Alles was nieuw voor mij: zowel Nederland als Utrecht. Ik wilde connecties maken, maar ik wist niet hoe. Ik dacht: mijn enige kans is om bij Welkom in Utrecht gewoon met alles mee te doen. En dat heb ik toen gedaan.” Hij somt lachend op: “Voetbal: oké. Volleybaltoernooi: oké. Dans, theater: oké.”

Utrecht veroveren
“Twee maanden geleden begon ik zelf als vrijwilliger bij Welkom in Utrecht. Daarvoor had ik het te druk, vooral met Nederlands studeren. Ik ben inmiddels geslaagd voor mijn examens, dus ik hoef niet meer naar les te gaan. Nu wil ik ook iets aan de maatschappij bijdragen. Dat vind ik echt belangrijk,” zegt hij met een serieuze frons op zijn gezicht.

“Veel Eritreeërs willen wel echt meedoen, maar het probleem is dat veel mensen geen Nederlands of Engels spreken. Ik spreek hun taal, dus ik kan veel aan ze uitleggen en soms misschien ook mijn eigen ervaringen vertellen.”

“Volgende week organiseren we bijvoorbeeld een bijeenkomst voor vrouwen. Veel vrouwen zijn hier gekomen via gezinshereniging en hebben weinig contact met mensen buiten hun eigen kring. We gaan ze proberen uit te leggen hoe Nederland werkt, samen met Tirhas, een Eritrese vrouw die hier al bijna dertig jaar woont. Het is bedoeld om inspiratie te geven. Dit is ons eerste evenement, een soort test. Daarna gaan we heel Utrecht veroveren, dat is mijn idee.” De grijns op zijn gezicht is terug.

Een goed gevoel
Ghedam moet even nadenken over de vraag waarom hij anderen helpt. “Ja, waarom doe ik dat eigenlijk. Het is mijn passie. Ik word er blij van, dus daarom. En ik ben ook heel veel door vrijwilligers geholpen, hè. Dus ik vind het ook leuk terug te kunnen geven wat ik heb gekregen. Ik weet dat het niet hoeft, maar het geeft me een goed gevoel.”

“Als je iets wil veranderen aan het beeld van Eritreeërs, moet je bij jezelf beginnen. En ik snap waar Eritreeërs mee zitten, wij hebben dezelfde problemen. Als ik niet dat begrijp, kan niemand dat begrijpen. In die zin voel ik mij ook wel verantwoordelijk om te helpen.”